Smart Start-pilot Heusden: beter zicht op kwetsbare gezinnen

Problemen bij kinderen voorspellen en voorkomen met behulp van data en kennis: daar draait het project Smart Start om. Na een succesvolle pilot in Tilburg werd onlangs een tweede pilot afgerond in Heusden. Die wierp meer licht op de vraag welke gezinnen extra kwetsbaar zijn, en hoe een uithuisplaatsing of een ondertoezichtstelling in deze gezinnen kan worden voorkomen.

Jeugdcriminaliteit, kindermishandeling, voortijdig schoolverlaten: de problemen waarmee de jeugdzorg te maken krijgt, worden steeds complexer. Tegelijkertijd blijkt uit onderzoek dat dataverzameling en -analyse kunnen helpen om problemen zo vroeg mogelijk te herkennen, te behandelen en te voorkomen. In het project Smart Start worden de ervaring en kennis van professionals en inwoners gecombineerd met beschikbare data over de wijk.

Na een eerste pilot in Tilburg rondden we binnen Smart Start onlangs de tweede pilot af, in de gemeente Heusden dit keer. Specifiek doel van deze pilot was om te onderzoeken wat ervoor nodig is om kinderen (langer) thuis te laten wonen.

Risicofactoren

Daartoe bracht CentERdata onder meer in kaart wat de risicofactoren zijn voor een uithuisplaatsing of een ondertoezichtstelling (OTS). Die inventarisatie leerde dat er vooral veel kansen liggen voor gezinnen met een of meerdere van de volgende kenmerken:

  • het gaat om een éénouderhuishouden van een moeder met kind(eren);
  • de moeder heeft geen werk;
  • de moeder was jonger dan 30 jaar op het moment dat ze haar eerste kind kreeg;
  • het gezin woont in een huurwoning met huurtoeslag.

Ook werd via interviews onderzocht waaróm juist deze gezinnen een verhoogd risico lopen. Daaruit bleek dat de oorzaak vaak vooral schuilt in hulpverlening die onvoldoende aansluit op de hulpbehoefte. Verder is het in deze gezinnen vaak ook zo dat de moeder de hulpverlening niet kan of wil accepteren.

Drie innovaties

Tijdens meerdere designsessies kwam het onderzoeksteam uiteindelijk tot drie concrete innovaties, die ervoor kunnen zorgen dat het aantal uithuisplaatsingen of ondertoezichtstellingen vermindert:

  1. leer het gezin begrijpen in vroeg stadium;
  2. organiseer hulpverlening met één gezicht naar het gezin;
  3. zorg voor positieve aanmoediging.